Leven en lijden in de natuur

Als ik buiten kom, ligt er op de straatstenen vlak aan de rand van het gras een dood vogeltje. Nog zo klein, zo teer en met de oogjes nog dicht. Het heeft nog niet eens kunnen zien in wat voor wereld het terecht is gekomen. Het blauw van de hemel heeft het niet kunnen aanschouwen. Het geel van de dooier zit nog aan het zachte bolle lichaampje. Eigenlijk is het maar een vieze aanblik zo’n dood vogeltje. Rond het lichaampje en op het kopje zitten hier en daar wat donshaartjes, lange haren die lang niet bij de verhouding van het vogellijkje passen. Hoe komt dat vogeltje hier op de koude stenen? Hoe komt het uit het nestje waar het zich uit een eitje heeft gewurmd? Het is een zware opgave geweest, het maken van een gaatje om uit het eitje te ontsnappen. En voor dit vogeltje is het voor niets geweest: de doorbraak uit de nauwe eischaal naar het volle leven. Maar daar heeft dit diertje niets van kunnen zien.
Ik leg het op een blad en haal een camera om het te vereeuwigen. Zo lang ik leef zal dit vogeltje blijven bestaan in mijn bestand van duizenden opnamen en wie weet hoe lang daarna nog. Er zijn in het verleden nogal wat opnamen - die ik toch dubbel had - in een natuurmuseum terecht gekomen. Ze liggen in dozen opgeslagen en zijn nog nooit gesorteerd.

 

Hoe?


Dood jong vogeltje

Maar hoe is dit vogeltje - nog maar nauwelijks uit het warme eitje – vanuit het warme nestje hier op die koude stenen terecht gekomen. Het is alleen maar gissen. Ik kon er geen wondjes aan vinden dat het door een rover, kat, ander dier of een vogel uit het nest is geroofd. Uit een nestkast kan dat ook niet. We hebben veertien nestkastjes rond huis en erf in de houtwallen hangen, maar dat is te ver van de plek waar het vogeltje lag. Op eigen kracht kan het ook onmogelijk gebeurd zijn. Ik wijt het aan de oudervogels die het gedumpt hebben, misschien dat het al dood was in het nest. Ik vind het maar triest, maar ben aan de dood gewend.

 

Predatie

We hebben veel vogels zo rond ons huis. Ook Boomkruipers en spechten broeden er elk jaar. Verleden jaar vond mijn vrouw een dode jonge specht in het gras die nog maar nauwelijks kon vliegen. Waarschijnlijk zal die als onervaren pubervogel tegen een raam zijn gevlogen. Nog geen week later vond ik een specht tussen de bomen, die nog jonger was. De vogel kon helemaal nog niet vliegen en ook deze was dood.
Regelmatig vind ik eieren op mijn tochten die ik door de natuur maak. Leeg gepikt, geslobberd of gezogen en door een predator achter gelaten. Vaak is te zien wie de nestrover is geweest, maar soms is het een raadsel. De meeste kapotte eierschalen die ik vind zijn geroofd door vogels. Op de tweede plaats zijn het marterachtigen. Eieren door de Vos geroofd, vind ik maar weinig. Daar komt bij dat die ook door een hond verorberd kunnen zijn, die behandelen een ei op de zelfde wijze als een Vos.

 

Verzameling


Verzameling kapotte eierschalen

Ik heb een aantal van die kapotte eierschalen van verschillende vogels verzameld, die door verschillende predators uit nesten geroofd zijn. Voor zo goed als mogelijk is heb ik ze eerst schoon gemaakt, maar wel heel voorzichtig zodat de kleine stukjes die nog met het vlies verbonden zijn aan de schaal ook blijven zitten. Zo vond ik een poosje geleden op ons erf in het gras een kapotte eierschaal van een Winterkoninkje. Tenminste, ik denk dat het van een Winterkoninkje is. Er zijn meer kleine vogels waarvan de eitjes bijna net zo gekleurd zijn, maar dit eitje was wel heel klein. Het is waarschijnlijk door een Vlaamse gaai uit een nestje gehaald, want die hebben we hier ook. Ook dat tere, kapotte eierschaaltje heeft een plaatsje gekregen bij de anderen. De grootste eierschaal die ik heb is van de Grauwe gans, hoogstwaarschijnlijk door een hond leeg geslobberd, maar het kan ook een Vos zijn geweest.
Bij mijn verzameling kapotte eierschalen - afval uit de natuur - heb ik ook een aantal uitgebroedde schalen verzameld van verschillende vogels. Dat een jonge vogel uit een ei is gekomen is, is heel duidelijk te zien. Die resten worden door de oudervogels zelf uit het nest verwijderd, soms een eindje meegenomen in de vlucht en laten vallen. Regelmatig liggen die op ons erf. Van Spreeuw, Merel, Zanglijster en andere vogels. Als we op een leeftijd komen en we onze verzameling niet meer kunnen onderhouden, gaat alles naar een museum. Maar misschien ook wel eerder.

 

Rupsen

Een Huismus heeft een langharige rups gevangen. Maar mussen zijn toch zaadeters? Ja, dat klopt. Maar ze voeden hun jongen met rupsen en andere larven. Eerst met kleine, maar naar gelang het kroost groeit, met grotere. Schijnbaar kan hij zo’n langharige rups niet zo aan de jongen voorleggen. Deze wordt eerst van de lange haren ontdaan. Eigenlijk onhandig voor zo’n vogel want hij heeft maar één werktuig waar hij dit mee kan doen, dat is zijn snavel. Hij trekt de rups door het gras heen en weer. Dan zwiept hij de rups in het gras om deze met de snavel te bewerken, om hem daarna weer door het gras heen en weer te trekken. Dit herhaalt de vogel vele malen. Prachtig om daar naar te kijken, dat drukke gedoe. Het duurt een poos. De vogel is er flink mee bezig om er ten slotte mee naar de nestkast te vliegen. Het gedrag van vogels en dieren, het is schitterend om dat waar te nemen.

 

Graspiepers


Graspieper

Zo heb ik eens een hele poos zitten kijken - met de camera in de hand - naar Graspiepers die ook bezig waren met het aanslepen van voedsel voor hun jongen. Ik ben niet bij het nest geweest, om het maar niet te verstoren. Ik heb wel gezien waar het nest zich moest bevinden, Als ze de snavel volgestouwd hadden met insecten, larven of ander klein bodemleven, vlogen ze eerst naar een uitkijkpost, een dikke oude paal. Na een poosje rondgekeken te hebben vlogen ze naar een slootkant. De nestjes maken ze in een holletje tussen het gras. Zowel het vrouwtje als het mannetje waren zeer actief en kwamen om de beurt met een volle snavel terug op paal. Ik vond het wonderbaarlijk hoe ze de snavel van begin tot eind vol kregen met levende have. Je zou verwachten dat wanneer ze de halve snavel vol hebben dat bij het oppikken van een volgende, de eersten er weer uit zouden vallen. Maar dat gebeurt niet. Het voedsel wat ze naar de jongen brengen zijn insecten. Ook die lastige builen veroorzakende steekmuggen waar wij zo’n hekel aan hebben. Alleen daarom al zouden er voor mij wel veel meer Graspiepers mogen komen. Het vrouwtje broedt alleen de vier of vijf eitjes uit, maar beiden voeden de jongen op. Als de jongen het nest verlaten kennen ze nog weinig of geen gevaar, wat er toch veel is voor dit kleine grut. In de eerste maanden sneuvelen er veel van die jonge vogeltjes. Als ze het eerste jaar levend doorkomen, is er misschien nog het derde deel van in leven. Graspiepers worden zo’n twee en een half tot drie jaar oud. Een kort leven? Maar dat is normaal voor deze kleine vogels.

 

Bessen

We hebben kunnen lezen, zien en horen dat het met de fruitteelt dit jaar slecht gaat. Er zijn minder appels, peren en ander fruit. Maar hoe zit dat in de natuur?
Ik heb zo hier en daar eens gekeken naar verschillende bomen en struiken op plekken waar ik regelmatig elk jaar kom. Bessen die veel gegeten worden door vogels en dieren zijn vooral Meidoorn, Vogelkers, Vlier en Lijsterbes, maar ook Kraaiheide, Frambozen en Bramen. Struiken waar veel bessen aan zitten, die het dus goed hebben gedaan dit jaar zijn de Vlier. Maar die moeten nog rijpen zoals de meeste bessen als ik dit schrijf. De kraaiheide heeft het slecht gedaan dit jaar. De zeer lage struikjes bevatten maar weinig bessen. Voor de planten zelf zal het geen betekenis hebben, maar voor vogels en dieren betekent het minder voedsel. Een Lijsterbes die verleden jaar vol zat met prachtige trossen oranje bessen, had dit voorjaar maar weinig bloemen en dus nu ook minder vruchten. Vogelkers had dit voorjaar ook minder bloemen. Ook aan de bloemstelen hadden zich bij veel struiken maar weinig knoppen tot bloem ontwikkeld, dus ook minder bessen. De bosbouwers zullen er niet om treuren.

 
Hans Baron (september 2010)

«« terug naar overzicht« vorige columnvolgende column »