Lastige schepsels voor mens en dier

Je hebt van die levensvormen waarvan je je afvraagt wat voor zin hebben die in de kringloop van het leven op aarde. Eén van die gure sluipers, zichtbaar maar in eerste zin onopvallend, zijn de teken.

 

Alert


Teek

Ik was op een dag naar en gebied wat rijk is aan paddestoelen, het Robbenoordbos in Noord Holland. Ondanks dat ik er ieder jaar meerdere keren kom, was ik er nu in een poos niet geweest. Het is een terrein van Staatsbosbeheer. Tot mijn verwondering stonden bij elke ingang informatieborden die wezen op de aanwezigheid van teken, met de mededeling hiervoor alert te zijn, ze kunnen de ziekte van Lyme veroorzaken. De waarschuwing alert te zijn sla ik vaak noodgedwongen in de wind, vaak lig ik tussen gras of heide plat op de grond om foto's te maken van het kleine spul, zoals paddestoelen, mossen en insecten. Nu zijn er mensen die heel vaak last hebben van teken, maar ook die er nooit, of bijna nooit een bij zich krijgen. Tot die laatste categorie hoor ik. Ik zou niet weten wanneer ik een teek bij me heb gehad, anders niet dan vroeger in mijn jonge jaren. Laat me nu 's avonds thuis gekomen een douche nemen, en toch een teek onder mijn kleren hebben. Geen probleem, met mijn eigenlijk te korte nagels draai en trek ik hem er uit.

 

Boswachtersziekte

Teken komen bijna overal voor, ook op ons erf. Onze hond heeft er af en toe een tussen zijn haren. Soms merken we het niet, maar dan vinden we wel zo'n vieze vol met bloed gezogen prop op de vloer. Zo snel mogelijk vernietigen is dan het beste. Het betreft hier allemaal dezelfde soort, de Schapeteek, Ixodes ricinus. Teken kunnen de ziekte van Lyme overbrengen, maar niet allemaal zijn ze besmet met de bacterie die de ziekte veroorzaakt, Borelia Burgdorferi. De naam ziekte van Lyme komt uit Amerika. Lyme is een klein stadje waar in het verleden de kinderen die ver van school op het platteland woonden meer last hadden van een vreemde ziekte waarvan men geen idee had wat het was, en hoe het te genezen was, dan die uit de stad. Pas in 1982 is aangetoond dat de verwekker een bacterie was, welke door teken werd verspreid. Zo is de ziekte naar het stadje genoemd. Daarvoor was die vreemde aandoening hier ook wel, en daar de mensen die veel in de bossen werkten er het meest onder leden, werd het wel boswachterziekte genoemd.

 

Ovale knikker

Teken zijn hele vreemde beestjes, in jong stadium heel klein, zich onopvallend gedragen, en als volwassen, en volgezogen met bloed, lijkend op een vieze ovale knikker. Eigenlijk is er weinig aan te zien. Het is een afgeplat lichaam met acht poten welke allemaal als een klauw eindigen. Een echte kop heeft het beest niet eens. Dan besef je eigenlijk, wat weet je van zo'n vreemd schepsel af. Nauw ja, dat ze in gras en struiken klimmen om hun prooi te bespringen. En dat ze alle geduld hebben om op die prooi te wachten, als het moet enkele jaren. Dat ze oud kunnen worden, en het desnoods jaren kunnen uithouden zonder voedsel. Maar hoe is eigenlijk de levenscyclus van teken. Ik ben gaan sneupen op mijn boekenplanken, en ja hoor, ik vond verschillende beschrijvingen over teken. Wereldwijd zijn er zo'n zevenhonderd soorten, maar ik zal het houden bij de teken die bij ons voorkomen, en waar wij dus mee te maken kunnen krijgen. Eigenlijk kunnen alle dieren en vogels er mee te maken krijgen. In hun levenscyclus zoeken ze in een verschillend stadium vaak een verschillende gastheer. Naar de beschrijvingen kunnen volwassen teken in volwassen staat als ze zich met bloed vol gezogen hebben wel twee tot tweeëneenhalve centimeter lang worden. Dat lijkt me wel veel, maar ik vind ook een beschrijving waarin vermeld wordt van wel drie centimeter. De ervaring heeft me geleerd dat er wel eens wat overdreven wordt.

Een eigenlijke kop hebben ze dus niet. Ze hebben een paar kaken wat getande organen zijn, net zagen. Hiermee boren ze een gat in de huid van de gastheer. Tussen deze zagen zit een ander orgaan wat op een hol pijpje lijkt waar sterke weerhaken aan zitten. Is het gat gemaakt dan schuiven ze dit naar binnen, en door de weerhaken verankert de teek zich aan de gastheer. Dan wordt er een buisje door dit orgaan naar binnen geschoven, en door middel van pompen met de maagwand wordt er bloed overgepompt in de maag van de teek. De speekselklieren bevatten een middel wat bloedstollen voorkomt, wat door het buisje in de wond wordt gespoten. Het vel van een teek is elastisch, en kan naar verhouding van het dier geweldig uitrekken. Kijk maar eens naar de grootte van een teek als die volgezogen los laat uit het vel. Ze kunnen vele honderden malen aan gewicht van hun eigen lichaam aan bloed opzuigen. Het zijn de vrouwtjes die bloed nodig zijn, dit is onontbeerlijk voor de voortplanting. Wanneer een vrouwtje voldoende bloed heeft gezogen laat ze zich op de grond vallen, en begint met het afzetten van de eitjes. Naar beschrijvingen kunnen het er achtduizend zijn, maar ik vind er ook een van tienduizend. Wie heeft ze geteld. Uit de eitjes komen de larfjes die een halve tot één millimeter lang zijn, en zes poten hebben. Ze klimmen bij planten, gras of struiken omhoog, en zodra zich een gastheer in de vorm van een muis in de omgeving vertoont proberen ze zich daaraan vast te klemmen. Lukt dit dan zuigen ze zich hieraan voor de eerste keer vol bloed, en laten zich daarna op de grond vallen. In het larvestadium zijn ze het meest kwetsbaar, want als ze in een tijdsbestek van drie tot vier maanden geen voedsel krijgen sterven ze. En dat gebeurt met verreweg het overgrote deel van de uitgekomen larven. Vanwege de kwetsbaarheid in dit stadium dat er ook zoveel eitjes worden gelegd. De larve die op de grond ligt vervelt tot nimf, deze is één tot anderhalve millimeter groot. Dit is een vorm tussen een larve en een volwassen teek. Ze hebben dan al acht poten. De nimf klimt dan weer omhoog en wacht weer op een gastheer. Dat kan een egel zijn, een vogel, maar ook grotere dieren zoals een ree, schaap of rund. Lukt dit dan zuigt ze zich weer vol bloed, en laat zich wederom op de grond vallen. Weer gaat ze vervellen, en dan is het een volwassen teek met een lengte van drie tot tien millimeter. Deze klimt weer omhoog, en wacht misschien op u of uw hond, een ree of schaap, of een rund. Ze is nu zo sterk dat ze jaren kan wachten. Heeft ze eitjes gelegd, dan moet ze weer opnieuw bloed zuigen om weer eitjes te leggen. In het verleden zijn er proeven genomen met teken, en er is gebleken dat ze maar eens in de vijf jaar voeding nodig hadden, en dat ze zo wel veertig jaar oud kunnen worden. Teken zijn geduchte overdragers van de ziekte van Lyme. Een vrouwtje wat besmet is draagt het via de eitjes over aan de volgende generatie. Door de stoffen die ze in de wond spuiten tegen bloedstolling geven ze het door aan de gastheer. Daarom, vindt u een teek, ruim die zo snel mogelijk, en terdege op.

 

Risicogebied

Tot slot, hoe vermijd je zo goed mogelijk teken, en hoe verwijder je ze. Teken houden zich op in hoog gras en struiken, tot ongeveer anderhalve meter hoog. Als er een slachtoffer langs komt laten ze zich vallen, en zoeken een weg naar de huid, en vooral naar de zachte plekken. Dat merk je niet, en ook als ze in de huid boren en bloed zuigen merk je het ook niet. Dus, als het enigszins kan, loop zo veel mogelijk midden op een bospad, niet door gras of struiken. Ga niet op de grond tussen gras of struiken zitten, en let vooral op de kinderen. Ben je in een risicogebied geweest, ga dan bij thuiskomst controleren of er geen teek in je kleren of vel zit. Laat op plekken waar je zelf geen controle hebt een ander even kijken. Controleer vooral de kinderen. Teken hebben, nadat ze met de gastheer in aanraking zijn gekomen zo'n acht tot tien uur nodig voor ze klaar zijn om bloed te zuigen. Dus als je er vroegtijdig bij bent is de kans op besmetting klein. Van alle volwassen teken is zo'n veertien procent besmet die de ziekte kunnen overbrengen. Van de nimfen is dat iets meer dan twee procent. Mocht je een teek hebben, noteer dan de datum, en hou de plek in de gaten. Komt er een rode tot paarse ring rond het wondje, ga dan zo vlug mogelijk naar een arts met de gegevens. Slechts de helft van alle mensen die met een teek in aanraking zijn geweest krijgt zo'n ring. Mocht je zelf de teek uit de wond halen, het is gemakkelijk te doen. Gebruik geen alcohol, eau de cologne nagellak of een brandende sigaret om het dier te doden, door de reactie kan zij stoffen uit de maag in de wond spuiten. Als je ze er zelf uit trekt, controleer dan goed of er geen organen in de wond achter blijven. Daarom moet je ze er ook langzaam, daar ze dan de tijd hebben om los te laten, naar beide kanten op draaiend uitrekken. Er is een tangetje in omloop waarmee je teken kunt verwijderen, maar tussen de nagels gaat ook heel best. Laat u niet afschrikken voor teken, maar wees alert.

 
Hans Baron (november 2005)

«« terug naar overzicht« vorige columnvolgende column »