Eindelijk toch lente

Lente wilde het maar niet worden, regen gutste neer uit een koude hemel. De sloten stonden vol, maar werden direct weer leeg gepompt. Ik kan dat maar niet begrijpen. Vanuit de overheid worden we er op gewezen dat we zo zuinig moeten zijn met water, levensvocht waar mens en dier, flora en fauna niet zonder kunnen. Water, één van de meest noodzakelijke levensbehoeften. Maar vandaag valt het, gratis uit de hemel, morgen is het al gespuid in de zee. Kostbaar, onmisbaar water. Waarom eigenlijk die noodroep van kostbaar water? Waarom er zuinig mee zijn als het direct toch weer in zee geloosd wordt? Nu wordt er al weer geklaagd dat het te droog is. Er wordt al weer gesproken dat er gesproeid moet worden. Ik vraag me wel eens af, ben ik nu zo dom dat ik het allemaal niet begrijp?

 

Lente

Maar toen de hemel eindelijk uitgehuild was, brak de zon door en begon de lente. Wat was het mooi. Slootkanten waren geel van het bloeiende Speenkruid. Ook bermen en bosranden kleurden op sommige plaatsen geel. De kleine blaadjes waren al lang boven de grond, maar er zat geen groei meer in. Maar plotseling schoten alles omhoog, frisse groene bermen. En plotseling verschenen de gele bloempjes. Gele dekens bedekten al het groen wat er onder schuil ging. Maar het duurde niet zo lang of het geel werd uitgedund en geleidelijk verdwenen al die duizenden bloempjes weer. Jammer. Nu maar weer een jaar wachten, dan zullen ze zeker terug komen.

 

Zaad


Speenkruid

Bloemen zijn er om zaad te vormen. Maar waar blijft dat zaad van bijvoorbeeld het Speenkruid? Waar moet je het zoeken? Je kunt een heel plantje uit elkaar pluizen, maar zult het hier bij ons waarschijnlijk niet vinden. Dus begin er maar niet aan. Nou ja, misschien eens een enkel zaadje wat per abuis toch in het bloemhoofdje gegroeid is, maar daar heb ik geen geduld voor. Om zaad van Speenkruid te vinden kan ik misschien veel beter naar België of Frankrijk reizen, dan heb ik waarschijnlijk eerder een zaadje dan hier een dag of nog langer om te pluizen. Speenkruid is eigenlijk geen inheemse plant. Ze zijn in het verleden vanuit Frankrijk hier met opzet of bij toeval binnen gekomen. Vroeger in mijn jonge jaren en dan kijk ik meer dan zestig jaar terug, kwam Speenkruid hier in onze omgeving maar weinig voor. Ik weet nog precies de enkele plekjes waar we deze wondermooie, frisse groene plantjes in pollen in bloei vonden. Maar ze hebben geen zaad, en toch verspreiden ze zich zo snel als een wolk spreeuwen, hoe kan dat? Als je een plant uitgraaft zie je dat ze in de grond verdikte wortelknollen vormen. Door het werken in de grond worden die verspreidt en vestigen ze weer planten op de plaats waar die wortelknollen of stukken ervan terechtkomen. Maar als je goed kijkt vormen ze ook kleine knolletjes in de oksels van de bladsteel. Hieraan groeit een klein worteltje en als de bloemen uitgebloeid zijn, vallen die knolletjes met het worteltje op de grond. Deze laten zich gemakkelijk op velerlei manieren verspreiden. En zo gaat het hele gazon een volgend jaar er prachtig uitzien met het gele Speenkruid. Ik ben wat te enthousiast, want zover komt het vaak niet. Veel mensen vinden dat een gazon er netjes uit moet zien. Velen vinden bloempjes die juist zo mooi zijn zoals Speenkruid, Paarden-bloem, Madeliefje, Pinksterbloem . . . Nee, ik houd op, want er zijn zoveel prachtige planten die een gazon zo mooi zouden kunnen sieren. Maar dat mag bij velen niet. Een gazon moet met gras zo groen begroeid zijn als een biljartlaken. Alle mooie planten en mos worden door sommigen met alle mogelijke middelen geweerd.

 

Vitamine C

Maar op die manier worden ook de insecten geweerd, die zo nuttig zijn voor bestuiving van de planten en vruchtbomen, die wel op het erf mogen groeien en bloeien. Jammer, heel jammer. Het is op velerlei gebied moeilijk om een goede keuze te maken in het leven. Speenkruid kun je ook heel goed eten als groente, vooral als het jonge blaadjes betreffen. Waarom die dure, met weet ik wat voor middelen bespoten groente te kopen, terwijl het op je eigen erf voor niets spontaan uit de grond komt. Het is vitaminerijk en bevat vooral vitamine C. Vroeger was scheurbuik een gevreesde ziekte, hiervoor was het eten van Speenkruid een uitstekend middel. Als de bladeren oud worden vormen ze gifstoffen en is het niet meer aan te raden om het dan te eten. Maar dat doe je toch ook niet met oude spinazie of andere groenten! Op je eigen erf groeien veel meer planten die je heel goed kan eten. Ergens heel jammer dat dit zo weinig wordt gedaan. Het scheelt in het zakgeld, het is onbespoten, vers en gezond.

 

Woningnood

Midden april was er op ons erf woningnood onder de vogels. Dit ondanks het feit dat er wel vijftien nestkasten hangen, in verschillend formaat. We keken eventjes in een kast waar waarschijnlijk een paar Koolmezen beslag op hadden gelegd. We dachten dat ze al aan het broeden waren, omdat daar plots een Ringmus door het gat naar binnen keek en probeerde er in te komen. Direct vloog de vogel ook weer naar buiten vloog. Weggejaagd door een broedende mees? Kort daarop kwam er een Spreeuw, ging boven op het dakje zitten en gluurde door de opening naar binnen. Toen probeerde hij naar binnen te dringen, maar het gat was voor hem of haar te klein. Ten slotte gaf de Spreeuw het maar op. Ik heb nog een paar nestkasten in elkaar getimmerd om die op te gaan hangen. Dit op een ge-schikte plek in de brede boomwal met verschillende hoge dode exemplaren van de Iep. Uiteindelijk hebben de nestkasten een goede plek gekregen. Terwijl ik zo rondloop vliegt er een Boomkruiper achter een los stuk, uitstekend schors vandaan. En jawel, een nest. Ik heb mijn vrouw er eventjes bij gehaald, zodat ook zij het vanaf een afstandje kon zien. Nu komen we er voorlopig niet weer. Ik wist dat aan de andere kant van het grasveld een Boomklever al een nest had. Dit is dus een tweede broedgeval.

 

Hoe doen ze het?


Graspieper

Verleden jaar ontdekte ik een plek dicht aan een slootkant waar een Graspieper een nest met jongen had. De ouders waren druk bezig met het aanslepen van voedsel. Snavels vol insecten werden naar het nest gebracht. Maar even daarvoor werd steeds een landing ingelast op een oude dampaal, een uitkijkpost om onraad op te speuren. Ze hadden helemaal geen vrees voor mijn auto, waaruit ik het drukke gedoe van de vogels aanschouwde. Ik kan maar niet begrijpen hoe een vogel het heeft om die levende bewegende insecten zo keurig op een rijtje in hun snavel vast te houden. Eén of twee, daar kan ik nog inkomen, maar meer? En dat tot aan de punt van de snavel? Om die in de snavel te vatten, moet deze toch even wat geopend worden. En een vogel heeft geen handen om de eersten even vast te houden. En hoe denk je dan over een Papegaaiduiker die een snavel vol van die glibberige Zandspiering naar het hol met zijn jong moet brengen. Hoe krijgt hij die allemaal keurig op een rij in de snavel. Ik heb ze wel eens een gezien met twee of drie visjes, maar een hele rij zoals je dat soms op een foto ziet, nog nooit. Je zou zeggen als hij een of twee in zijn snavel heeft, en de derde vangt, moet hij de snavel toch even openen en kunnen de eerste gladde spieringen er zo weer uit glippen. Maar de vogel heeft ook nog een tong, misschien kan hij de gevangen buit daar mee vast houden. Zo zal het bij mijn Graspieper ook wel gaan. Ik denk dan maar zo, in het evolutieproces is alles aangepast voor de soort om te overleven. Wat zich niet kon aanpassen had ook geen kans om te overleven en was gedoemd om uit te sterven. Mijn Graspieper en de Papegaaiduiker hebben het wel overleefd.

 

Opwarming aarde

Ik zit heel vaak te mijmeren, hoe gaat het met de trekvogels als de aarde zo gaat opwarmen als men wil beweren. Zelf geloof ik er niet zo in. Veranderingen in het klimaat zijn er altijd geweest. Hoe zal het met de ganzen gaan, die ieder jaar weer naar onze streken komen om te overwinteren. En de mollen in de grond als het hier eens woestijnachtig wordt. Nee, o nee, ze gaan beslist niet allemaal dood. De sterksten zullen zich aanpassen, al daar gaan vele generaties overheen. Het voorbeeld is er. Ik heb afgelopen winter enkele mollen gezien in streken die erg droog zijn, half woestijn. Bij het donker worden kwamen de mollen boven de grond. Ik wist het dat ze er moesten zijn. In een van mijn veldgidsen stonden ze afgebeeld en beschreven, maar tot toen had ik er nog nooit een gezien. Tot mijn spijt kon ik er geen foto's van maken. Jammer dus.

 
Hans Baron (mei 2009)

«« terug naar overzicht« vorige columnvolgende column »